Over Gasunie

Missie

Gasunie is een leidende Europese gasinfrastructuuronderneming. We dienen het publieke belang, bieden onze klanten geïntegreerde transport- en infrastructuurdiensten en houden ons aan de hoogste veiligheids- en businessstandaarden. We richten ons op waardecreatie, zowel voor de korte als de lange termijn, voor onze aandeelhouder, andere stakeholders en het milieu.

Visie

Wij geloven in een duurzame toekomst met een uitgebalanceerde energiemix en een blijvende rol voor gas dat afkomstig is uit verschillende bronnen. We geloven dat we onze klanten het best bedienen met innovatieve oplossingen op het gebied van gasinfrastructuur.

Profiel

Onze publieke taak is het verzorgen van veilig en betrouwbaar gastransport, dat van essentieel belang is voor de maatschappij. Met onze infrastructuur en dienstverlening vormen wij het hart van de Europese gasmarkt. Onze infrastructuur is een belangrijke verbindende schakel tussen eindgebruikers en leveranciers van energie. Wij geloven in een duurzame energievoorziening waarin gas zorgt voor een stabiele basis. Door onze gasinfrastructuur optimaal in te zetten, dragen we bij aan verduurzaming van de energievoorziening.

Ons netwerk fungeert in toenemende mate als internationaal knooppunt in de aan- en doorvoer van gas. We beheren en ontwikkelen daarvoor gasinfrastructuur en gashandelsplaatsen: gastransportnetwerken, internationale transitleidingen, een gasopslag, een LNG-terminal en de virtuele gashandelsplaatsen TTF (Nederland) en GASPOOL (Duitsland). Dit vormt de basis voor onze dienstverlening aan onze klanten. We dragen hiermee bij aan een liquide, competitieve en betrouwbare Europese energiemarkt.

Ons netwerk is grensoverschrijdend en bevindt zich in Nederland en Duitsland. Daarmee verzorgen we het transport van een kwart van het totale gasverbruik in de Europese Unie.
We nemen een onafhankelijke positie in ten opzichte van productie- en/of leveringsbedrijven en hanteren het open-accessmodel. Dat betekent dat onze infrastructuur op gelijke voorwaarden voor al onze klanten beschikbaar is. Onze dienstverlening is daarbij transparant en non-discriminatoir.
De klanten die daarvan gebruik maken zijn gasproducenten, shippers, handelaren, distributiebedrijven en ook eindgebruikers zoals elektriciteitscentrales en grote industrieën.

We verzorgen het transport van een kwart van het totale gasverbruik in de Europese Unie.

We willen op een proactieve manier bijdragen aan verduurzaming van de energievoorziening. Daarom ontwikkelen we samen met partners duurzame technologieën en infrastructuur. Zo investeren we in bijvoorbeeld power-to-gas, grootschalige invoeding van groen gas in ons netwerk en infrastructuur voor het gebruik van LNG voor weg- en watertransport.

Onze medewerkers werken verspreid over ruim 30 locaties in Nederland en Noord-Duitsland, Berlijn, Brussel en Moskou. Ons hoofdkantoor bevindt zich in Groningen, en onze hoofdvestiging in Duitsland bevindt zich in Hannover. Via leveranciers, aannemers en onderaannemers in Nederland en Duitsland die wij contracteren voor onze projecten, leveren we een belangrijke bijdrage aan de (lokale) werkgelegenheid.

De Nederlandse Staat is onze enige aandeelhouder.

Organisatiestructuur

We hebben twee dochterondernemingen die een gastransportnet in eigendom hebben en beheren: Gasunie Transport Services (GTS) in Nederland en Gasunie Deutschland in Duitsland. Beide dochters worden bestuurd als business units onder de holding.
Onze derde business unit Participations & Business Development ontwikkelt en beheert onze overige infrastructuurdiensten. Daaronder vallen bijvoorbeeld gasopslag, transport door internationale (zee)leidingen, een terminal voor de import van vloeibaar aardgas (LNG), een LNG-piekinstallatie en ons aandeel in de gasbeurs ICE Endex. Deze activiteiten ondersteunen de liquiditeit en werking van de gasmarkt in de gebieden waar we actief zijn. Daardoor dragen ze bij aan de benutting van de netwerken van GTS en Gasunie Deutschland. We bieden deze activiteiten aan in concurrentie met andere aanbieders.
Onze business units worden ondersteund door verschillende service providers onder andere op het gebied van ICT, financiën en personeelszaken. Daarnaast verzorgen Operations en Projects in opdracht van de business units het beheer, het onderhoud, de aanpassing en de uitbreiding van de infrastructuur.

Businessmodel

Onze drie business units hebben verschillende businessmodellen. De businessmodellen van GTS en Gasunie Deutschland komen grotendeels overeen. De activiteiten van GTS en Gasunie Deutschland zijn voor het grootste deel gereguleerd in tegenstelling tot die van Participations & Business Development, die niet of deels gereguleerd zijn.

Een belangrijk speerpunt voor de toekomst is het faciliteren, stimuleren en ontwikkelen van de transitie naar een duurzame energiehuishouding.

De kernactiviteit van GTS en Gasunie Deutschland is het transport van gas in respectievelijk Nederland en Noord-Duitsland. Beide ondernemingen zijn zogenaamde Transmission System Operators (TSO’s). De inkomsten en het te behalen rendement daarvan worden gereguleerd door nationale toezichthoudende instanties, de Autoriteit Consument & Markt (ACM) in Nederland en de BundesNetzAgentur (BNetzA) in Duitsland. In 2014 is een cijfermatig onderzoek gedaan naar bijzondere waardeveranderingen van het gastransportnetwerk In Nederland en Duitsland. Voor een nadere toelichting op de aanleiding en uitkomst van dit onderzoek wordt verwezen naar punt 2 van de ‘Nadere toelichting op de geconsolideerde balans’ in de jaarrekening.

Een belangrijk speerpunt voor de toekomst is het faciliteren, stimuleren en ontwikkelen van de transitie naar een duurzame energiehuishouding. Wij richten ons daarbij zowel op innovatieve toepassing van onze infrastructuur, bijvoorbeeld op het gebied van groen gas en power-to-gas, als op nieuwe product-/marktcombinaties voor aardgas, zoals het inzetten van LNG in de maritieme- en transportsector. Deze nieuwe activiteiten moeten op termijn extra inkomsten opleveren en bijdragen aan het benutten van de bestaande gasinfrastructuur. Deze activiteiten worden ontwikkeld in de business unit Participations & Business Development.

Wij behalen onze volledige omzet uit activiteiten die samenhangen met de gasinfrastructuur.

Businessmodel GTS

De kern van de dienstverlening van GTS is het verkopen van beschikbare capaciteit in een betrouwbaar netwerk tegen concurrerende voorwaarden. Op entrypunten kan het gas in het netwerk worden ingevoed en op exitpunten kan een klant het gas uit het netwerk halen. De klanten sluiten contracten af waarmee ze capaciteit boeken op bepaalde entry- of exitpunten in het netwerk, gedurende een bepaalde periode (jaar, kwartaal, maand of dag). Klanten kunnen onderling gas verhandelen op een virtuele marktplaats, genaamd Title Transfer Facility (TTF).
Het GTS-netwerk concurreert met andere netwerken ten aanzien van het transport van internationale gasstromen.

Hoogte van de tarieven

De tarieven die GTS aan haar klanten berekent zijn gereguleerd. Ze worden jaarlijks vastgesteld door ACM, die elke 3 tot 5 jaar de methode van regulering opnieuw vaststelt. Vanaf 2014 is in de methode van regulering een systeem van omzetregulering opgenomen: de tarieven worden bepaald door de toegestane omzet te delen door de geschatte capaciteitsboekingen. Indien de werkelijke omzet hiervan afwijkt, wordt het verschil verrekend in latere jaren. De toegestane omzet wordt berekend op basis van de kosten die GTS maakt in een bepaald referentiejaar. GTS mag haar kapitaal- en operationele kosten plus afschrijvingen terugverdienen, inclusief een rendement.

Investeringen

Het ontwerp en het gebruik van het netwerk bepalen de totale beschikbare capaciteit. GTS is wettelijk verplicht op doelmatige wijze te investeren in voldoende transportcapaciteit om zo te kunnen voorzien in de totale marktbehoefte. Daarbij is het wettelijke uitgangspunt dat de gasvoorziening voor kleinverbruikers in Nederland wordt gegarandeerd op een dag met een gemiddelde effectieve etmaal temperatuur in De Bilt van – 17 °C (graden Celsius). Nieuwe investeringen worden, als zij naar het oordeel van ACM doelmatig zijn, toegevoegd aan de kostenbasis van GTS, zodat GTS deze via de tarieven kan terugverdienen.

In 2013 heeft ACM de methode van regulering van GTS voor een periode van drie jaar (2014-2016) vastgelegd. De meest bepalende parameters voor deze methode van regulering zijn:

  • CPI: de tarieven mogen jaarlijks worden geïndexeerd op basis van de inflatie, waartoe de Consumenten Prijs Index wordt toegepast.
  • De WACC: het toegestane rendement (Weighted Average Cost of Capital) over de gereguleerde activawaarde. Voor de periode 2014-2016 heeft ACM de WACC bepaald op 3,6% reëel voor belastingen. Hieraan liggen ten grondslag: een verhouding eigen/vreemd vermogen van 50/50, een kostenvoet vreemd vermogen van nominaal 3,85%, en een rendement op eigen vermogen van nominaal 5,6%.
  • De in de reguleringsperiode te realiseren productiviteitsverbetering op de totale (operationele en kapitaal-)kosten exclusief de niet beïnvloedbare kosten. Deze productiviteitsverbetering (‘frontier shift’) is voor de periode 2014-2016 bepaald op 1,3% per jaar. ACM heeft voor deze reguleringsperiode geen individuele efficiency benchmark op GTS uitgevoerd; zij is van plan dit wel voor de volgende reguleringsperiode te doen.

GTS kan in de praktijk een hoger of lager rendement realiseren ten opzichte van het door ACM bepaalde rendement op doelmatige kosten. Dit is afhankelijk van de hoogte van de daadwerkelijke kosten.

Businessmodel Gasunie Deutschland

Het businessmodel van Gasunie Deutschland is in grote lijnen identiek aan dat van GTS.
De belangrijkste verschillen met het Nederlandse reguleringsmodel zijn:

  • De toegestane kapitaalvergoeding is opgebouwd uit de werkelijke rentekosten voor vreemd vermogen en een marktconform rendement op eigen vermogen, tot een maximum aandeel van 40% eigen vermogen in het totale vermogen. Het toegestane rendement op eigen vermogen bedraagt gemiddeld voor alle investeringen ongeveer 7,4% nominaal voor de huidige reguleringsperiode van 2013 tot en met 2017.
  • Nieuwe uitbreidingsinvesteringen krijgen reeds vanaf de aanbouw een kapitaalvergoeding en dragen direct bij aan de omzet.
  • BNetzA voert voor elke reguleringsperiode een individuele efficiency benchmark uit op de totale kosten van een netwerkbedrijf. Gasunie Deutschland heeft voor de huidige reguleringsperiode 2013-2017 een beoordeling gekregen van ‘100% efficiënt’.

Businessmodel Participations & Business Development

De activiteiten van Participations & Business Development (P&BD) zijn ondergebracht in afzonderlijke deelnemingen. Deze zijn verantwoordelijk voor de vermarkting en levering van gasinfrastructuurdiensten en voor de verplichtingen die zij hebben als eigenaar van hun bedrijfsmiddelen. De eigendomsverhoudingen in onze deelnemingen variëren van volledig eigendom (zoals EnergyStock B.V.) tot diverse vormen van gedeeld aandeelhouderschap met partners (zoals Gate terminal en BBL Company).
Het operationele beheer van de ondergrondse gasopslaginstallatie EnergyStock in Zuidwending, de Peakshaver-opslaginstallatie in Rotterdam en de pijpleidingverbinding met Engeland (BBL) wordt verzorgd door Gasunie. De LNG-terminal in Rotterdam (Gate terminal), Nord Stream en ook ICE-Endex functioneren als zelfstandige organisaties, met een toezichtstructuur vanuit de aandeelhouders. De governance van de deelnemingen wordt uitgevoerd vanuit de business unit P&BD.
P&PBD werkt daarnaast aan mogelijkheden om nieuwe, soms innovatieve, goed renderende activiteiten te ontwikkelen en zoekt daarbij samenwerkingspartners. De activiteiten dienen bij te dragen aan de strategie van Gasunie: het ondersteunen van de werking van de gasmarkt en de transitie naar een duurzame energiehuishouding (onze derde strategische pijler).
Het bedrijfseconomische risico en de rendementsdoelstelling van de activiteiten van deze business unit zijn hoger dan die van Gasunie’s volledig gereguleerde activiteiten. De meeste deelnemingen concurreren namelijk in de vrije markt.

Investeringen

Aan een besluit om te gaan investeren in nieuwe infrastructuur gaat altijd een uitgebreide analyse vooraf. We onderzoeken daarbij grondig de marktontwikkelingen, de wensen van potentiële klanten en de commerciële en technische haalbaarheid. De trend is dat langetermijncontracten steeds meer plaatsmaken voor kortetermijncontracten, waardoor het ondernemingsrisico toeneemt.
Daarnaast bevindt de markt voor duurzame energie zich nog in een fase waarin naast visie ook innovatie is vereist. Dit brengt, naast kansen, ook onzekerheden en risico’s met zich mee, omdat investeringen in nieuwe technologieën zoals power-to-gas en markten vaak pas op langere termijn rendement opleveren. Dit alles stelt hogere eisen aan risico-analyses en de wijze waarop risico’s kunnen worden gemitigeerd. Wij zijn bereid om bij investeringen in het faciliteren van duurzame energie aangepaste verdienmodellen te hanteren en een hoger risicoprofiel mee te nemen in onze afwegingen. Wij vinden dat het ontwikkelen van nieuwe verdienmodellen en efficiënte deelnemingsstructuren voor gasinfrastructuurbedrijven onlosmakelijk verbonden is met de ambitie en het welslagen van een voortrekkersrol in de transitie naar een duurzame energiehuishouding.

Inkomstenstroom

Onze klanten kopen capaciteit bij de door onze deelnemingen beheerde infrastructuur en daarmee het recht om de infrastructuur tijdens de gecontracteerde periode te benutten.

Wij bouwen en exploiteren infrastructuur, maar hebben zelf geen belang in de aanvoer, handel en aflevering van gas of LNG. Op deze manier kunnen wij via onze deelnemingen als een onafhankelijke provider een goede werking van de gasmarkt en gashandel faciliteren.

Zowel Gate terminal als BBL hebben te maken met wettelijke regelgeving en toezichthouders. Daarom moeten ze vooraf toestemming krijgen om bepaalde diensten te kunnen aanbieden met een ontheffing van regulatoire kaders die doorgaans voor een bepaalde termijn wordt afgesproken. Samen met de toezichthouder wordt daarna bekeken hoe we verder gaan in de volgende periode. Dit kan resulteren in dienstverlening binnen de gereguleerde kaders. Daarmee wordt het businessmodel van Participations & Business Development ook beïnvloed door Europese regelgeving om een goed werkende Europese gasmarkt te faciliteren.

Deelnemingen

We nemen, meestal samen met andere partijen, deel in een aantal ondernemingen die bijdragen aan de voorzieningszekerheid op het gebied van gas in Europa. De belangrijkste noemen we hier.

Gate De toenemende behoefte aan aardgas en een teruglopende Europese productie vragen om aanvullende import. Daarom nemen we deel in Gate (Gas Access To Europe). Deze terminal op de Rotterdamse Maasvlakte is de eerste importterminal voor vloeibaar aardgas (LNG) in Nederland. Via Gate is het Nederlandse gastransportnet aangesloten op de wereldvoorraden aardgas en draagt daarmee bij aan de diversificatie van het gasaanbod in Europa. In de terminal wordt LNG opgeslagen en gasvormig gemaakt en op druk gebracht voor levering aan het Nederlandse gastransportnet. Gate geeft een snelle toegang tot de grote en nabije potentiële afzetmarkten voor aardgas in Noordwest-Europa. We zijn voor 47,6% aandeelhouder in Gate terminal C.V.
Nord Stream Nord Stream is een leiding door de Baltische Zee, die Rusland verbindt met Europa. Door deze verbinding heeft het Europese leidingnet een extra aansluiting gekregen op gasstromen uit Rusland, wat bijdraagt aan een stabiele gasvoorziening in Europa. We zijn voor 9% aandeelhouder in Nord Stream A.G.
NEL De Nordeuropäische Erdgas Leitung (NEL) is de verbindingsleiding tussen Nord Stream en ons Duitse netwerk. Daardoor kan er rechtstreeks gas vanuit Rusland in ons netwerk stromen. Het beheren en opereren van NEL maakt integraal onderdeel uit van de TSO-activiteiten van Gasunie Deutschland. We zijn voor 25,13% aandeelhouder in NEL.
BBL BBL is een leiding die loopt van het Nederlandse Balgzand naar het Engelse Bacton. De leiding draagt bij aan een stabiele gasvoorziening in het Verenigd Koninkrijk, dat voor een groot deel van haar gasvoorziening afhankelijk is van import. We zijn voor 60% aandeelhouder in BBL Company Vof.
EnergyStock Deze installatie voor ondergrondse gasopslag vangt het kortetermijnverschil op tussen de vraag naar en het aanbod van aardgas. De zeer hoge flexibiliteit van deze buffer (snel uitzenden/opslaan) is belangrijk voor het in balans houden van de portfolio’s van de EnergyStock-klanten en van het GTS-netwerk. We zijn voor 100% aandeelhouder in EnergyStock B.V.
Peakshaver De peakshaverinstallatie op de Maasvlakte maakt aardgas vloeibaar en slaat dit op in tanks. GTS kan de Peakshaver inzetten om te kunnen voldoen aan de gasvraag in het westen van Nederland op piekmomenten. We zijn voor 100% aandeelhouder in Gasunie Peakshaver B.V.
Vertogas Dochterbedrijf Vertogas fungeert in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken als certificeringsinstantie voor groen gas. Het geeft certificaten uit waarmee de duurzame herkomst van groen gas wordt gegarandeerd en de duurzame productiewijze transparant en aantoonbaar wordt gemaakt. We zijn voor 100% aandeelhouder in Vertogas.
ICE Endex ICE Endex is een toonaangevende beurs in continentaal Europa voor spotgas- derivatenmarkten. ICE Endex faciliteert handel in aardgas, maar ook de handel in stroom-, biomassa, en gasopslagfutures. Zij faciliteert onder meer handelsstromen op het Nederlandse TTF, de grootste gashandelsplaats in Europa. We zijn voor 20,88% aandeelhouder in ICE Endex.

Waardecreatiemodel

In onderstaand waardecreatiemodel laten we zien welke bronnen (financieel, geproduceerd, intellectueel, menselijk, sociaal & relaties en natuur) we benutten om onze strategische doelstellingen te realiseren, welke omgevingsaspecten daarbij een rol spelen en welke waarden we met onze kernactiviteiten toevoegen.

Dit model is afgeleid van de IIRC-richtlijnen voor geïntegreerde jaarverslaglegging.
Dit model is afgeleid van de IIRC-richtlijnen voor geïntegreerde jaarverslaglegging.

Kerncijfers

De financiële kerncijfers worden toegelicht in de Financiële resultaten.

In € miljoenen 2014 2013 herzien *)
     
Winst-en-verliesrekening    
Gerapporteerd    
Opbrengsten 1.651 1.464
EBITDA 1.186 1.034
EBIT 893 757
Resultaat na belastingen 603 464
Voorgesteld dividend 362 325
     
Genormaliseerd **)    
Opbrengsten 1.651 1.670
EBITDA 1.186 1.149
EBIT 893 873
Resultaat na belastingen 603 551
     
Balans    
Vaste activa 10.032 9.883
Eigen vermogen 5.505 5.214
Balanstotaal 10.299 10.188
     
Geïnvesteerd kapitaal 9.295 8.801
Netto schuld inclusief garantiestellingen 4.725 4.906
     
Kasstroomoverzicht    
Kasstroom uit operationele activiteiten 979 622
Kasstroom uit investeringsactiviteiten -/- 462 -/- 639
Kasstroom uit financieringsactiviteiten -/- 506 -/- 816
Netto kasstroom 11 -/- 833
     
Ratio’s    
ROIC genormaliseerd 7,4% 7,8%
ROE genormaliseerd 11,0% 10,6%
FFO / interest ratio 6,8 3,5
Netto schuld inclusief garantiestellingen / materiële vaste activa 52% 55%
Controllable Costs 343 345
     
Credit Ratings    
Standard & Poor’s A+ A+
Moody’s Investors Service A2 A2

* Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar punt 1 ‘Herziene cijfers door IFRS 11 Joint Arrangements’ in de geconsolideerde jaarrekening.
** Genormaliseerd voor de effecten van de methodebesluiten 2010-2013 op de opbrengsten (circa € 206 miljoen) en de vrijval van een deel van de pensioenvoorziening in 2013. In 2014 zijn geen effecten opgetreden waarvoor een normalisatie aan de orde is.

  2014 2013
Niet-financiële kengetallen    
Fulltime-equivalenten in dienst (per 31 december)* 1.704 1.664
Getransporteerd volume (TWh) 1.233 1.365
Reportable frequency index** 5 3,6
Ziekteverzuim 3,10% 3,10%
Ongevallen met verzuim 4 2
Ongevallen zonder verzuim 5 6
Leidingbeschadigingen 3 6
Leveringszekerheid (aantal niet of late gasleveringen) 1 3
CO2-uitstoot totaal (kiloton) 543 751
- Scope 1 374 575
- Scope 2 164 172
- Scope 3 5 4
Verbruik aardgas (miljoen m3) 80,8 168,7
Verbruik elektriciteit (miljoen kWh) 437,1 448,6
Hoeveelheid niet-gevaarlijke afval (ton) 18.418 16.156
Hoeveelheid gevaarlijke afval (ton) 5.880 4.274
Aantal milieuafwijkingen 198 197
     

* Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar punt 1 ‘Herziene cijfers door IFRS 11 Joint Arrangements’ in de geconsolideerde jaarrekening.
** Reportable frequency index is inclusief derden